Waarom heb ik grammatica nodig?


Vul de ontbrekende woorden in en klik daarna op Controleren om te zien of je antwoorden kloppen.
Waarschijnlijk weet je al meer van grammatica dan je denkt.

Dat gaan we hier even voor je testen door je een paar zinnetjes af te laten maken.

Vul de persoonsvorm tegenwoordige tijd in:
1. Theo (verraden) je, zonder het in de gaten te hebben, aan de anderen, doordat hij in jouw richting staart.


2. Theo (antwoorden) ik altijd meteen, want anders wordt hij ongeduldig.


3. Die groep leerlingen, die mij al de hele tijd in de gaten (houden) , (komen) straks vast te laat.


Vul de juiste werkwoordsvorm in:
4. Het (verbazen) me nu, dat het jou, die de zaak zo uitvoerig heeft bestudeerdt, (verbazen) , want daarover zijn wij, hoewel we er veel korter naar hebben kunnen kijken, niet (verbazen) .


Vul in: hen of hun:
5. Je hebt het op tijd gegeven.

6. Ik heb het wel drie keer uitgelegd.

7. heb ik vandaag al drie keer gezien.

8. Met hoef je geen rekening te houden.

9. Dat HUN HEBBEN HET GEDAAN fout is, hoef je niet te vertellen!

10. Je moet het eerst aan vragen, voordat je beantwoordt.

11. Voordat je antwoord geeft, moet je het eerst vragen.


Waarnaar verwijst in het volgende stukje tekst het in hoofdletters gedrukte woord HET?
12.
Ze hadden er lang met elkaar over gesproken. Uiteindelijk waren ze het na veel moeite met elkaar eens geworden.
HET had dan ook niemand van de aanwezigen verbaasd, dat bij de stemming iedereen zijn hand opstak.


13.
Ze hadden er lang met elkaar over gesproken. Uiteindelijk waren ze het na veel moeite met elkaar eens geworden.
Dat HET zo lang geduurd had, had dan ook niemand van de aanwezigen verbaasd.


14. Welk woord op deze pagina is verkeerd gespeld? Hoe spel je het dan?