oefening 50 werkwoorden 1 voor hv

Klik op "Nakijken" om je antwoorden te laten controleren.
Als een antwoord goed is, wordt het vet afgedrukt.
Pa (1.willen t.t.) zijn vingers niet branden aan de moeilijke opgave.
(2.Vermoeden) jij dat gisteren al?
Vanmorgen vroeg (3.starten) Fernando Alonso zijn auto alvast.
(4.worden) ik volgende week ook op die receptie verwacht?
(5.Begeleiden) het grote CaIsorkest vanavond Robbie Williams?
Na het bakken van de spacecake (6.wachten) we tot hij afgekoeld was.
De (7.aanbranden) griesmeelpap kon ik niet door mijn keel krijgen.
Er (8.worden) nu van alles beweerd.
Volgens mij (9.redden) ik het alleen met hard werken nog.
(10.Vermijden) jij nu liever de omgang met die brutale jongen?
Waarom (11.schelden) mijn docente steeds op mijn broer?
Bij die tv-quiz gisteren (12.antwoorden) het echtpaar steeds verkeerd.
Waarom (13.rijden t.t.) je broer altijd zo hard?
Vorig jaar (14.vermelden) Henk en Ingrid hun examennummer niet.
Gisteren (15.ploffen) veel ballonnen uit elkaar.
Het lichaam van de (16.vermoorden) asielzoeker lag daar.
Het werd met een laken (17.afdekken) .
Sinterklaas en de Kerstman waren zeer (18.verbazen) daarover.
(19.Bevrijden v.t.) de massamoordenaar zich in die film?
Toen (20.melden) we dat direct bij de politie.
Onze buurman (21.houden) nog steeds duiven.
Ik (22.bieden) niet meer dan tien eurocent.
Op dat moment werd er door iedereen (23.juichen) .
De hacker had de computer (24.slopen) .
Commissaris Speurneus (25.vermoeden) dat toen al.
Iemand had de inbrekers (26.waarschuwen) .
Men (27.worden) wel vaker voortijdig getipt.
De (28.aftobben volt.dw.) leerling uit 4C keek vermoeid.
Met (29.fronsen, volt.dw.) wenkbrauwen bekeek de demonstrant ons.
De Amsterdammer (30.horen) dat hij een miljoen had (31.erven) .
Hij (32.juichen) toen te vroeg.
Door de belasting (33.worden) een groot gedeelte (34.opeisen) .
Hij (35.pochen) toen over zijn schorsing.
Zij was (36.schorsen) , maar in de klas (37.worden) er gisteren minachtend over gesproken.
Zoiets (38.gebeuren) tegenwoordig zelden.
De supporters van Ajax moesten worden (39.verwijderen) .
De (40.bestraffen) jongen (41.herinneren) zich toen niets daarvan.
Hij had beledigende opmerkingen naar het hoofd van Van Basten (42.slingeren) .
Het meisje (43.richten) zich toen op.
Ze (44.doven v.t.) de sigaret en (45.vluchten v.t.) weg.
De pianist zat (46.concentreren, volt dw.) achter de piano.
Hij (47.begeleiden v.t.) haar enthousiast.
Hij (48.worden v.t.) door onze binnenkomst (49.storen) .
De linkerspits Boerrigter (50.trappen v.t.) tegen een ballon.